Spelling: Het voltooid deelwoord. Vul de juiste vorm van het werkwoord aan.

Gatenvuloefening

Vul de gaten in. Druk dan op "Antwoord controleren" om de antwoorden te controleren.

1. Heb jij al eens (bijklussen)?
2. Sommige studenten hebben het vooral op vakantiejobs aan de kust (munten).
3. Vooral in de horeca kan dan een aardig centje worden (bijverdienen).
4. Maar je krijgt het niet zomaar op blaadje (presenteren).
5. Er worden lange uurtjes (kloppen)!
6. Vaak worden studenten ook (uitbuiten).
7. Daarom wordt door anderen naar een job buiten de horeca (uitkijken).
8. Misschien heb jij je al eens (aanmelden) om in warenhuizen winkelrekken aan te vullen?
9. Of misschien heb je al eens fruit (plukken)?
10. In welke job ben jij (interesseren)?